home | werkwijze | lesbos | wanneer | bestemmingen | arrangementen | reacties | nieuws


Home > Reacties > Margriet W., Zwolle
Pagina afdrukken E-mail


Daarna kuste men de iconen
Skála Sikaminéas, waar ik zes dagen verbleef, is een schilderachtig dorpje waar je na een week het gevoel hebt dat je deel bent van de bevolking.
Bij avond vormen zich allerlei groepjes rond de haven: leeftijd bij leeftijd en soort bij soort (mannen en vrouwen). Bij oma onderaan het appartement verzamelde zich het handwerkende deel van de vrouwelijke bevolking. Zelf ben ik zo ook aan het borduren geslagen. Ook had ik uitgebreid de tijd om de vissers te bestuderen. Ze vissen met netten of met een drie kilometer lange lijn met zijlijntjes met haakjes. Overdag wordt die lijn uit de knoop gehaald. Daarvoor laten ze de hele lijn door hun handen gaan en worden de haakjes één voor één in de rand van een ronde kuip gestoken. Daarna wordt aan ieder haakje aas gedaan en wordt de lijn s’avonds weer uitgezet. In de ochtend gaan ze hun vangst ophalen en begint het hele verhaal weer van voren af aan.

In Plomári verbleef ik twaalf dagen. Daar heb ik op een zondag een kerkdienst bezocht.
De aanvangsttijd was mij onbekend, maar bij eerdere bezoeken had ik al gemerkt dat je komt en gaat wanneer je wilt. Vroeger zaten de vrouwen rechts in de kerk en de mannen links. Nu is het gemengd, maar toch viel me op dat er nog iets van terug te zien was.
Iedereen was zeer netjes gekleed. Wanneer men binnenkwam werd er eerst een kaarsje aangestoken, dat trouwens ook weer vroegtijdig werden gedoofd en verwijderd. Waarom? Ik heb geen idee. Daarna kuste men de iconen die op twee standaards in de kerk stonden en zocht men een zitplekje.
De dienst werd geleid door een pope en vier helpers, die zich achter de iconostase bevonden en allerlei handelingen uitvoerden die je in de kerk niet kon zien, want ze stonden met de rug naar je toe.
Er werd gezongen door een aantal mannen die links en rechts in de kerk op een verhoging stonden. De mannen wisselden elkaar af in combinatie met de pope, de kerkgangers zongen in de dienst niet mee. Die gingen afwisselend staan en zitten en sloegen geregeld een of meerdere kruisen achter elkaar. Via megafoons kregen de ‘kafeníonhangers’ alles van de dienst mee.
Op een gegeven moment ging er brood rond, naar mijn idee als een soort van avondmaal of eucharistie. In het mandje ook brood dat in een servet was verpakt. Dat werd door sommigen in de tas gestopt, ik neem aan om mee te nemen naar huis. Anderen hadden iets bij zich waar ze zelf het brood in verpakten. Dit werd zo gedaan dat het brood niet met de handen aangeraakt werd.
Ik voelde me natuurlijk een vreemde eend in de bijt, en dat werd nog erger als iedereen ging staan. Ik leek dan een soort lange Jan die niet ophoudt zich uit te strekken, want ik was zo’n beetje twee koppen groter dan het publiek en daarbij ook nog behoorlijk blond. Een bijzondere ervaring.

Het dorpje Paleochóri, tien kilometer van Plomári, vond ik erg mooi. Zeer authentiek, ik voelde me bijna een soort bekijker van iets dat zal gaan verdwijnen in de toekomst.
Het nadeel van een niet-toeristisch gebied was voor mij het feit dat een vrouw alleen niet bij een kafeníon kan gaan zitten. Ik hoorde dit van een Deen die al jaren op het eiland kwam. Hij zei ook dat een vrouw er wel ging zitten wanneer de echtgenoot er zat. Maar dan nog is het not done dat ze iets bestelt. Met die wetenschap waren de kafeníons op het dorpsplein van Plomári eigenlijk voor mij niet aan de orde, althans zo voelde dat. In Paleochóri was dit gevoel nog sterker. De mannen op de stoelen, de vrouwen op de drempels van hun huis, bordurend of handwerkend.

Wat betreft het fietsen op Lesbos: niet doen!
De onverharde wegen waren soms zo steil dat ik dacht: daar word ik veel te moe van.
Op het vliegveld – in het aardedonker, want het vliegtuig had forse vertraging – werd mijn dierbare fietsje overigens met veel egards behandeld, en bekeken met verbazing en verwondering. De ogen van de autoverhuurder gingen op steeltjes toen hij mijn fiets in beeld kreeg.
In mijn stoerste Engels, terwijl de adrenaline als stoom uit mijn oren kwam, deelde ik hem breed glimlachend mee dat het fietsvervoer geen enkel probleem zou zijn. Onder zijn toeziend oog hebt ik mijn fiets toen uit het plastic gehaald, gedemonteerd en met zijn hulp hem zeer zorgzaam in de auto gevleid. Vervolgens kreeg ik gratis autorijles van de vriendelijke Griek: hij vertelde hoe de versnelling werkte en dat ik er vooral niet te hard aan moest trekken en duwen. Hoezo een vrouw en autorijden? Ik heb er breed om moeten grijnzen, buiten zijn blikveld.
Daarna reed hij voor me uit, de hoofdstad door, tot hij stopte en zei: nu is het niet moeilijk meer, je hoeft alleen maar rechtdoor te rijden. Dat moet geen probleem zijn dacht ik toen zo, en ben gaan rijden.
Het is in het donker bijzonder boeiend autorijden wanneer je een bocht neemt en merkt dat die niet ophoudt, en vervolgens constateert: verdraaid, ze hebben hier haarspeldbochten!
Rond middernacht was ik op de plek van bestemming, werd ik begroet door een ernstig bezorgde appartementenbazin en verrast door het ruisen van de zee bij het openen van mijn balkondeuren.
Een goed begin van mijn vakantie…

Lesbos, 16 mei – 3 juni 2005

 

vislijnen ontwarren
vislijnen ontwarren

trap naar de accommodatie
trap naar de accommodatie

Reacties?
Laat anderen delen in uw reiservaringen met LOPEN OP LESBOS.
Stuur een reactie, impressie of reisverslag met foto's naar info@lopenoplesbos.nl.
Wordt uw reactie geplaatst, dan ontvangt u als dank een fraai uitgegeven Nederlandstalig boekje over de schelpen op Lesbos.


boeken | vliegtickets | verzekeren | voorwaarden | garantiestelling | copyright | contact