home | werkwijze | lesbos | wanneer | bestemmingen | arrangementen | reacties | nieuws


Home > Reacties > Antoinette Hofste en Koos Dansen, Arnhem
Pagina afdrukken E-mail


Pas nu ervaren hoe gevarieerd Lesbos is!
Voor de derde keer genoten we grandioos van Lesbos volgens het recept van LOL. Daarbij hebben we ditmaal veel meer van het eiland gezien.
Eerder struinden we honkvast vanuit één accommodatie vooral bij de Baai van Kalloní rond, met maar af en toe een dagtochtje verder weg.
Nu hink-stapsprongen we van een bestemming in het noorden, naar weer een totaal andere in het westen, om tenslotte weer op onze vertrouwde stek bij Erika en Leftéris in Skála Polichnítou uit te komen.

We begonnen in Skála Sikaminéas bij een aardige, aan zee gelegen taverna plus kamers, gerund door de vriendelijke familie Laoúmis, met leuk dochtertje en slimme zoon. ’s Nachts zong daar vanuit de olijfgaard de Nachtegaal voor ons en ’s ochtends de Zomertortel, wiens melancholieke gekoer altijd uit de verte lijkt te komen.
Hoogtepunt was voor ons de bloemrijke dagwandeling met fraaie uitzichtpunten door de oude olijfgaarden de berg op, over kalderímia tussen natuurstenen stapelmuurtjes door naar Sikaminéa, Lepétymnos en het ruïnedorp Chálikas.

Ook de kustwandeling naar Eftaloú was zeer de moeite waard, met halverwege dankzij vulkanische heetwaterbronnen zeewater waar in de ochtendkilte de damp van af sloeg, en verder westwaarts op de rotsen zonnende Hardoenen en Reuzensmaragd- hagedissen.
Op 25 april maakten we de autotocht naar Sarakína via Mandamádos, waar net het Stierenfeest annex prullaria- en snoeperijmarkt plaatsvond, met overal langs de wegen bedevaartgangers die ernaartoe liepen. Langs het laatste, onverharde deel van de route naar Sarakína, tussen Ágios Stéfanos en Paliós, genoten we van een verrukkelijke bloemenpracht met tienduizenden bloeiende Tongorchissen.

Skála Sikaminéas en directe omgeving waren prachtig, maar wel erg stil. De schaarse andere toeristen die we hier tegenkwamen, twee tot vier per dag, ver in de minderheid ten opzichte van de ’s nachts aanlandende bootvluchtelingen, bleken prompt ook klanten van LOL, met wie het dan natuurlijk gelijk plezierig klikte.
Heel anders was dat in Sígri, het westelijke finis terrae van Lesbos, waar we vele tientallen tot misschien wel over de honderd vogelaars tegenkwamen, zowel reizigers via LOL als groepen met gidsen in busjes. Dat leverde altijd gezellige en rendabele ontmoetingen op, want vaker of sneller dan dat je hem zelf ontdekt, hoor je van andere vogelaars waar die langverbeide Scharrelaar, Nachtzwaluw of dat paartje Klein waterhoen zich stiekem ophoudt. Leuk ook om in de restaurantjes bij de haven bij elkaar aan te schuiven, over wederzijdse avonturen te kletsen en samen het glas te heffen.

Onze allerhartelijkste praatgrage gastvrouw in Sígri was de Griekse Anastasía, die ’s winters transformeert tot Berlijnse.
Wat de vogels betreft sprong de grote aantrekkingskracht van de talloze kikker- en paddenvisjes op hongerige Kleine zilverreigers, Ralreigers, Woudaapjes en Kleine waterhoentjes in de strandpoeltjes en riviertjes van Faneroméni iets ten noorden van Sígri in het oog.
We maakten daar de noordelijke wandeling met schitterend uitzicht richting Sígri, woeien haast van de heuvel af, fotografeerden rood en blauw Guichelheil in één beeld, raakten de wandelroute bijster, maar slaagden er in dit open landschap gelukkig in ook door de ruigten wel onze weg te vinden.

We maakten uitstapjes met de auto naar Ántissa, Gavathás en Kámbos met z’n zandduinen aan de noordwestkust, waar de storm de strandweg onder stuifzand had bedolven, waarin de auto van een overmoedige jongeling muurvast was komen te zitten.
Nog verder oostelijk gingen we, naar de monding van de Voulgárisrivier, waarmee we tevoren, maar toen nog met een teleurstellend rioolluchtje, al hadden kennisgemaakt bij het voormalige nonnenklooster van Perivóli. Verder bezochten we het hoge klooster van Ypsiloú en het Versteende Woud, een fraai hellend landschapspark met fossiele bomen, waar we ook mooie orchideeën en reptielen tegenkwamen.
Tenslotte bezochten we voor het eerst Skála Eressoú, aan de zuidkust van het wilde westen. Nog uitgestorven, maar met overal langs de zeereep getimmer en ander veelbelovend horecageklus, als voorbereiding op het aanstaande zomerseizoen.

Op weg naar onze laatste bestemming, Skála Polichnítou, dronken we een colaatje in de schaduw van de merkwaardig gevormde plataan op het dorpspleintje van Ágra, dat soest in de absolute rust die hier neerdaalde door de aanleg van een weinig gebruikte rondweg met snelwegallure. Hoeveel kilometer secundaire en tertiaire kuilenweggetjes en
-straatjes hadden niet opgeknapt kunnen worden met dit geld.
Ja, schaamteloze Hollandse betweterigheid, ik weet het. Of eerder gemopper omdat wij graag gebruik hadden gemaakt van de nu na een natte winter voor personenauto’s onberijdbare dirt road Sígri – Eressós en tal van andere wegen en straatjes vol gaten, kuilen en beekbeddinkjes. Die had men voor een fractie van de kosten van die EU-prestigeweg jarenlang behoorlijk kunnen onderhouden.

Na Kalloní sloegen we rechtsaf langs de Tsikniásrivier in de hoop gelijk al de Zwarte ibissen te treffen waarover de tamtam voortdurend opwindende berichten aanvoerde. En jawel, halverwege troffen we een groep van twaalf, in gezelschap van evenveel Kleine zilverreigers.
Later bleek dat deze soort, die wij nog nooit eerder hadden gezien, ook weer dankzij de rijkelijke aanwezigheid van kikkervisjes, behoorlijk talrijk was rond heel Skála Kallonís.

Bij Erika en Leftéris in Skála Polichnítou wachtte ons het gastvrije vriendenwelkom waarin zij uitblinken.
Tot onze vreugde troffen we er ook senior-planten-, vlinder- en libellenkenners- en publicisten John & Ann Bowers uit Leeds en Wulf & Eva Kappes uit Hamburg, die hier stamgasten zijn. De door John & Ann opgerichte natuurvorsers- en beschermersclub Friends of Green Lesbos heeft hier zijn pied-à-terre. Men kan daar naast kenners in levende lijve, allerhande gidsen en boeken over de Lesbische natuur raadplegen.
Eva Kappes was zo vriendelijk ons op de kaart een aantal goede orchideeënplekken aan te wijzen, onder meer voorbij Agiásos, richting Plomári, iets ten zuiden van het Sanatorio, waar we naast orchideeën ook andere fraaie, bijzondere plantensoorten bewonderden, waaronder de rode wilde tulp, Tulipa undulafolia, en Fritillaria theophrasti, een familielid van onze kievitsbloem.

Helaas viel de vogelrijkdom in en om de zoutpannen van Skála Polichnítou dit voorjaar tegen. Toch genoten we bij de monding van een beekje iets noordelijker van een vissende Purperreiger en van Ralreigertjes die veenmollen (een soort reuzenaardkrekels) uit de modderoever pikten.
Een heel bijzonder moment beleefden we bij Vaterá langs de Almyropótamosrivier. We hielden met onze rijdende schuilhut stil bij een Maskerklauwiervrouwtje, dat verwachtingsvol rond leek te kijken. Met recht en reden, want even later verscheen het mannetje dat haar een sprinkhaan aanbood.
Klik, klik, klik deed onze camera en de oversnaveling van deze smakelijke attentie stond er heel bevredigend op!

Alleen maar positieve belevenissen, toch maakten we nog iets naars mee. Tijdens een wandeling langs de zoutpannen naar Skamnioúdi en de Alikoúdi-inlaag kregen we ongewild zes zwerfhonden met ons mee. Lieve, aanhankelijk naar je opkijkende honden.
Eerst wil je ze nog kwijt en roep je streng ‘terug’, maar een uur later tel je al of het roedel waarvan jij blijkbaar de aanvoerder bent nog wel compleet is.
Op de terugweg gebeurde er volkomen onverwacht iets afschuwelijks. Vrolijk voortrennend door de velden dreven de honden ineens een kat op, die wegrende en zich niet, zoals in het dorp, kon verstoppen. De honden joegen steeds wilder en woester achter hem aan, grepen hem en verscheurden het erbarmelijk krijsende dier letterlijk, helemaal door het dolle heen, zonder dat wij ze konden tegenhouden.

Later rende de hondengroep de zoutpannen in, achter de vogels aan. Daarbij beten zij tenminste een van de Strandplevierkuikens dood, die net door vogelaars waren geringd.
Dus laten we NOOIT meer honden meelopen, hoe aardig ze ook kwispelen. Zo nodig gaan we terug en doen het eerste stukje van de route met de auto tot we uit het zicht zijn. Een paar uur later lagen diezelfde honden weer vredig gemixt met de hun bekende dorpskatten op straat te slapen. Niks aan de hand, hoe kon dat exces in hemelsnaam gebeuren, denk je dan….

We willen absoluut niet in mineur eindigen, want daar is geen enkele reden voor. Nieuwsgierig door enthousiaste verhalen van mensen die we spraken reden we de laatste dag naar het vliegveld langs de Olympos en Ambelikó, via Plomári, waar we wandelden, wat aten en dronken, en prompt alweer bekenden tegenkwamen.
Gezellig druk daar, levendig, een beetje mondain, wat een wereld van verschil met de noordwestkust die nog in volledig in winterslaap verkeerde.
Een toekomstige bestemming misschien?

Wat heeft Lesbos veel moois en interessants te bieden! Met zijn oppervlakte van 1600 km² blijkt het niet heel veel groter dan onze provincie Utrecht. Maar wij ervoeren het, met zijn ongekende heuvel- tot bergachtige kleinschalige afwisseling en rijkdom aan natuur en cultuur, eerder als formaat Gelderland, dat officieel toch drie keer zo groot is.

Lesbos, 22 april – 6 mei 2015

 

uitzicht over Skála Sikaminéas
uitzicht over Skála Sikaminéas

Reuzensmaragdhagedis bij Eftaloú
Reuzensmaragdhagedis bij Eftaloú

Tongorchissen bij Paliós
Tongorchissen bij Paliós

Scharrelaar bij Sígri
Scharrelaar bij Sígri

Kleine zilverreiger heeft kikkervisje, Sígri
Kleine zilverreiger heeft kikkervisje, Sígri

Balkankwikstaart bij Sígri
Balkankwikstaart bij Sígri

parende Tweekleurige parelmoervlinders, Sígri
parende Tweekleurige parelmoervlinders, Sígri

vissende Zwarte ibissen bij Méssa
vissende Zwarte ibissen bij Méssa

ontbijt in Skála Polichnítou
ontbijt in Skála Polichnítou

<em>Tulipa ondulatifolia</em>, Sanatorio, Agiásos
Tulipa ondulatifolia, Sanatorio, Agiásos

Voor jou! – Maskerklauwieren bij Vaterá
Voor jou! – Maskerklauwieren bij Vaterá

Klein waterhoen, Metóchimeertje
Klein waterhoen, Metóchimeertje

Antoinette en Koos, Sikaminéa
Antoinette en Koos, Sikaminéa

Reacties?
Laat anderen delen in uw reiservaringen met LOPEN OP LESBOS.
Stuur een reactie, impressie of reisverslag met foto's naar info@lopenoplesbos.nl.
Wordt uw reactie geplaatst, dan ontvangt u als dank een fraai uitgegeven Nederlandstalig boekje over de schelpen op Lesbos.


boeken | vliegtickets | verzekeren | voorwaarden | garantiestelling | copyright | contact