home | werkwijze | lesbos | wanneer | bestemmingen | arrangementen | reacties | nieuws


Home > Nieuws > Het pad van de harswijn
Pagina afdrukken E-mail


20 mei 2014
In de eindeloze dennenbossen rond het dorp Ampelikó, dat als een adelaarsnest schuin tegen de zuidhelling van het Olymposgebergte aanhangt, gaan we op zoek naar het harspad.
Het is een creatie van papás Stratís, de dorpspriester die sinds zijn aantreden alles in het werk stelt om zijn dorp sociaal en cultureel op de kaart te zetten.
Zo kwam er een sportterrein, werd een leegstaand huis omgetoverd tot gratis herberg voor vreemdelingen, en richtte hij naast zijn kerk een klein museum voor volkskunst in, met huisraad, oude werktuigen, de eerste telefoon van het dorp.
De bezoeker hoeft maar te bellen en papás Stratís komt op zijn brommertje aangesneld om bij elk object tekst en uitleg te geven.

Een apart vertrek van het museumpje is gewijd aan de harswinning, tot voor enkele decennia een belangrijke bron van inkomsten voor Ampelikó.
De hars, ritíni, werd getapt uit de hoge, ranke Aleppodennnen die het dorp omgeven en gebruikt voor de productie van teer. Ook werden er wijnvaten mee ingesmeerd om de wijn houdbaarder te maken, zoals de oude Grieken hun amforen al met hars verzegelden. Om een en ander nog aanschouwelijker te maken werd in de bossen een harsroute uitgezet.

Het duurt even voor we de route vinden: de watersnood van december 2012, toen tijdens hevige regens het omlaagstromende water alles meesleurde wat het tegenkwam, heeft ook hier zijn sporen achtergelaten.
Maar dan lopen we over een smal, met stenen afgebakend pad steil door het dichte dennenbos omhoog naar de top van een heuvel.
Veel bomen onderweg zijn ingekerfd, onder de inkeping hangen plastic zakjes, soms nog oude ijzeren bakjes: we zien de stroperige, amberkleurige materie traag naar beneden kruipen. De kunst van het kerven is om de juiste ader te raken zonder de boom definitief te beschadigen.

Het uitzicht boven is adembenemend: we kijken neer op Ampelikó, daarboven het kale massief van de Olympos, achter ons de Egeïsche Zee met in de verte het eiland Chíos.
Papás Stratís heeft van deze magische plek een soort openluchtmuseum gemaakt. We zien een eenvoudig houten kerkje, een stenen kookplaats en een van de schamele hutten met lage britsen waar de harsarbeiders tot eind jaren ’60 van de vorige eeuw zes maanden per jaar onder erbarmelijke omstandigheden leefden, zonder stromend water, zonder elektriciteit.

‘s Avonds, terug in Polichnítos, bestellen we retsína, de harswijn waar Griekenland nog steeds om bekend staat – niet de alom verkrijgbare Kourtáki, maar de wat subtielere Malamatína – en denken aan de harsarbeiders van Ampelikó, die nog maar zo kort geleden in hun povere hutten in de dennenbossen leefden.

 

<em>papás</em> Stratís in zijn museum
papás Stratís in zijn museum

ingekerfde Aleppoden met opvangzak
ingekerfde Aleppoden met opvangzak

harsarbeiderskerkje op de heuveltop
harsarbeiderskerkje op de heuveltop

harsarbeidershut in de bossen
harsarbeidershut in de bossen


boeken | vliegtickets | verzekeren | voorwaarden | garantiestelling | copyright | contact